Menu

De vredesbeweging en Wereldoorlog I - De burgerlijke vredesbeweging

Artikelindex

De burgerlijke vredesbeweging

Binnen deze kleurrijke beweging was er een belangrijke stroming die stelde dat het op lange termijn noodzakelijk was om regeringen wereldwijd actief te betrekken of er mee samen te werken om de doelstellingen van de vredesbeweging te verwezenlijken. In 1899 richtten William Randall Cremer, een Britse pacifist en parlementair en Frederic Passy, de stichter van de Franse Ligue de la Paix en eveneens parlementair, de Interparlementaire Unie (IPU) op. In 1914 telde de IPU een derde van alle parlementsleden uit 24 staten met als doel om conflicten langs vreedzame weg te beslechten met o.m. de installatie van een arbitragesysteem. De IPU die tot 1911 in Brussel was gevestigd, bestaat vandaag nog met zetel in Genève. De doelstellingen van de IPU lagen mee aan de basis van de idee van de oprichting van een 'Internationaal Forum' waar regeringen hun disputen konden bediscussiëren ipv terug te grijpen naar geweld.

Het International Peace Bureau dat in 1891 werd opgericht, was een van de eerste initiatieven tot samenwerking van de vredesbeweging op internationaal niveau. De bekende Oostenrijkse pacifiste Bertha von Suttner, was vicevoorzitster tot aan haar dood in 1914. Zij is de auteur van de pacifistische roman 'Die Waffen nieder' (1889). De IPB streefde naar de oprichting van een internationale organisatie voor een vreedzame oplossing van conflicten. Na de Eerste wereldoorlog toonde het IPB zich erg actief in de 'No More War'-campagne van de War Resisters' International (WRI) beweging. De WRI was een radicale organisatie die in 1921 werd opgericht door opgericht door pacifisten die zich erg actief toonden tijdens de oorlogsjaren. De eerste secretaris van de organisatie, Herbert Runham Brown, weigerde tijdens de oorlog dienst te nemen en zat daarvoor tweeënhalf jaar in de gevangenis. Het centrale principe van WRI is dat oorlog een misdaad is tegen de menselijkheid.