Menu

Clara Zetkin

Clara Zetkin

Als het van vader Gottfried Eissner had afgehangen, had zijn familie in amper twee generaties kunnen opklimmen van het ellendige daglonerleven tot een goedburgerlijk en tegelijk verlicht bestaan. Maar dat was gerekend zonder zijn oudste dochter Clara. Als zoon van een landarbeider was Gottfried erin geslaagd om op zijn 16de dorpsonderwijzer te worden in Wiederau, (Saksen). Hij was een gelovige protestant en probeerde in zijn eentje de wereld te verbeteren. Zijn vrouw heette Joséphine Vitale en was de dochter van een Fransman die doordrongen was van de ideeën van de Franse revolutie van 1789 en die ook had deelgenomen aan de Napoleontische oorlogen. Zo was hij gestrand in Leipzig waar hij lessen Frans en Italiaans gaf. Joséphine had op haar beurt al haar hoop gesteld in de (mislukte) Revolutie van 1848 en stond in contact met vooraanstaande figuren uit de (burgerlijke) vrouwenbeweging, zoals Auguste Schmidt. In Wiederau stichtte de vrouw van de dorpsonderwijzer zelfs een turnclub voor vrouwen.

 

Het exemplarische leven van proletarisch feministe en vredesactiviste

Clara Eissner – ze zou later door het leven gaan als Clara Zetkin – werd op 5 juli 1857 geboren in Wiederau, een armoedig weversdorp zoals er in die tijd veel waren. In 1872 verhuisde de hele familie Eissner naar Leipzig waar de kinderen een betere opleiding konden genieten. Clara’s jongere broer Arthur werd leraar zoals zijn vader. Voor meisjes waren de kansen eerder beperkt. Maar Auguste Schmidt, die bevriend was met Clara’s moeder, leidde er een instituut waar meisjes een opleiding tot lerares konden volgen. De school stond bekend als een broeihaard van het feminisme en verzette zich ook tegen de nationalistische golf die Duitsland overspoelde na de stichting van het Duitse Keizerrijk in 1871.

‘Foute’ vrienden

Op school raakte Clara bevriend met een Russisch meisje, Varvara, die haar introduceerde in haar vriendenkring van Russische emigranten. Daaronder waren meestal rijkeluiszoontjes die met revolutionaire ideeën koketteerden om hun familie te choqueren. Maar er waren ook bij die serieus gebroken hadden met hun geprivilegieerde achtergrond en vastbesloten waren om samen met het volk te strijden tegen het tsarisme. Eén van hen was Ossip Zetkin uit Oekraïne dat toen deel uitmaakte van Rusland. Hij was moeten vluchten en studeerde toen in Leipzig. Hij werkte halftijds voor schrijnwerker Mosermann die een overtuigd sociaaldemocraat was en die Ossip wist te winnen voor zijn ideeën. In die tijd was de sociaaldemocratie een heuse marxistische beweging die niets gemeen had met de huidige SPD. Het was een revolutionaire partij die de arbeiders wou organiseren in hun strijd tegen het kapitalisme.

Clara Zetkin die in haar geboortedorp was opgegroeid met de arme weverskinderen, was zich bewust van de nood van de proletariërs. Via Ossip Zetkin kwam ze in contact met de sociaaldemocratie.

Ook tijdens de periode van de “Sozialistengesetze” (1878- 1890) die alle sociaaldemocratische en socialistische organisaties in het Duitse Rijk verbood, bleef Clara haar socialistische overtuiging trouw. Dit leidde tot een breuk met haar familie en met schooldirectrice Auguste Schmidt, waardoor de jonge Clara de kost moest verdienen met slecht betaalde jobs, bijvoorbeeld als huislerares van kinderen van grootgrondbezitters en kapitalisten.

Toen in augustus 1880 een congres van de SPD plaats vond in het Zwitserse Wyden, werden alle deelnemers bij hun terugkeer in Duitsland door de politie aangehouden. Ze werden weliswaar achteraf vrijgelaten omdat er niet kon worden bewezen dat het niet ging om een “verjaardagfeest”. Alleen de vreemdeling Ossip Zetkin werd uitgewezen en vestigde zich in Parijs. Ook Clara verliet kort daarop het land. Ze kwam terecht in Zürich waar ze een baantje kreeg bij de krant “Der Sozialdemokrat” die van daaruit illegaal naar Duitsland werd verstuurd. Clara nam deel aan heel wat politieke discussies. Ze bestudeerde August Bebels boek Die Frau und der Sozialismus. Ze besefte dat de strijd van de arbeidersklasse voor het socialisme en de strijd voor de ontvoogding van de vrouw heel veel raakvlakken vertoonden.

Na enige tijd trok Clara naar Parijs waar ze – ongehuwd, o schande – samenwoonde met Ossip Zetkin wiens naam ze tot het eind van haar leven droeg, zelfs toen ze in 1897 trouwde met kunstschilder Friedrich Zundel . Clara en Ossip kreeg twee zonen, Maxim en Konstantin. Ze kwamen aan de kost met taallessen en vertalingen en waren daarnaast ook politiek actief. Clara ervoer aan den lijve hoe hard het was om loonarbeid, huishouden en politieke actie te combineren en werkdagen van 16 tot 20 uren te hebben.

Een nieuwe Socialistische Internationale

Precies 100 jaar na de Franse revolutie van 1789 werd in Parijs een Internationaal socialistisch congres georganiseerd dat zou uitmonden in de oprichting van een nieuwe (tweede) internationale. Clara hield er haar eerste grote redevoering over de “Bevrijding van de Vrouw”.

Emancipatie en klassenstrijd

Van dan af zouden twee grote thema’s Clara bezighouden: de opname van de vrouwen in de arbeidersbeweging en hun deelname aan het politieke leven, na de verovering van het vrouwenstemrecht. Dan zouden de vrouwen een plaats innemen niet alleen in de socialistische vrouwenbeweging, maar ook in de arbeidersbeweging in het algemeen. Vrouwenarbeid was volgens haar niet alleen een economische noodzaak, maar ook een beslissende stap naar gelijke rechten voor man en vrouw, omdat ze de vrouw economisch onafhankelijk maakte van de man. Geen strijd tussen de geslachten, maar hand in hand ijveren voor een fundamentele verandering van de maatschappij. Die edele principes maakten niet bijzonder veel indruk op de mannelijke congressisten en zo bleef de vrouwen- of liever arbeidsterskwestie niet-prioritair. Maar vanaf 1900 begonnen steeds meer vrouwen in de respectieve landen speciale vrouwenafdelingen op te richten binnen de sociaaldemocratische partij. Ook binnen de vakbonden steeg het aantal vrouwenbonden, maar de traditionele – mannelijke - bonden waren niet bijzonder happig om die massa meestal ongeschoolde industriearbeidsters en zelfs geschoolde arbeidsters binnen hun structuur op te nemen. De best betaalde en sterkst georganiseerde vrouwen, namelijk de leraressen, hielden zich afzijdig van de arbeidersbeweging en toonden zich zelden of nooit solidair met stakende arbeidsters.

Onder invloed van Clara Zetkin beseften de militantes in Duitsland en ook in andere landen dat het erop aan kwam de socialistische agitatie onder de vrouwen aan te moedigen, liever dan hen enkel in te zetten voor specifieke vrouwentaken. Voor Clara Zetkin ging het er in hoofdzaak om de vrouwen te betrekken bij alle aspecten van de klassenstrijd om zo gelijkheid van rechten te veroveren. Dat was dan ook de teneur van het belangrijkste vrouwentijdschrift, die Gleichheit, waarvan Clara redacteur was van 1890 tot 1917.

Zijn vrouwen betere vredesactivisten?

Clara Zetkin vond dat proletarische vrouwen verder moesten kijken dan hun huishouden of hun slecht betaalde baan in de fabriek. Een van de domeinen waar de vrouwen echt actief moesten zijn, was de strijd tegen militarisme en oorlog. Aangezien vrouwen in Duitsland pas in 1918 stemrecht kregen, konden ze hun stem enkel laten horen tijdens massabijeenkomsten, hongermarsen en vlammende artikels of redevoeringen van militantes en de boezemvriendinnen Clara Zetkin (l.) en Rosa Luxemburg (r.)

 

“Broederlijkheid onder de volkeren is voor de arbeidersklasse geen ijdele waan en wereldvrede niet zomaar een fraai woord. Achter dat begrip staat een tastbare realiteit: de hechte solidariteit van de uitgebuiten en de onderdrukten uit alle landen. Het mag niet zover komen dat proletariërs het moordwapen heffen tegen andere proletariërs. In naam van de broederlijkheid moeten de massa’s in oorlogstijden alle (vreedzame) wapens grijpen die binnen hun bereik liggen…” (Oproep aan de vrouwen, Gleichheit, 5 juli 1914)

Toen de Duitse vrouwen vanaf 1907 mochten aansluiten bij een politieke partij of een vakbond, konden ze in het daglicht treden tijdens “internationale socialistische vrouwenconferenties” die samenvielen met de bijeenkomsten van de Tweede Socialistische Internationale. Als periode werd de eerste week van maart gekozen, maar in 1911 stelde Clara Zetkin tijdens een conferentie voor vrouwen in Kopenhagen voor om precies 8 maart uit te roepen tot Internationale Vrouwendag. Op 8 maart 1908 had immers in New York de eerste vrouwenstaking plaats gevonden. Die staking was gericht tegen de slechte arbeidsomstandigheden in de textielindustrie en werd beroemd door de poëtisch verwoorde eis van de vrouwen: "brood en rozen".En dus wordt de Wereldvrouwendag ook vandaag nog gevierd op 8 maart.

Als waardering voor de merkwaardige inzet van Clara Zetkin en de grote weerklank van haar vrouwentijdschrift Gleichheit werd het Bureau van de Internationale Vrouwenconferentie ondergebracht bij de redactie van Gleichheit in Stuttgart. (In 1917 echter, nadat Clara sinds het begin van WOI weigerde de officiële partijlijn binnen de SPD te volgen en ook aansloot bij de linkse, revolutionaire Spartakusgroep van Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht, werd ze als hoofdredacteur aan de deur gezet.)

Eind november 1912 kwam in Bazel de Tweede Internationale bijeen. Alweer werd de vrede in Europa bedreigd, nu door de Balkanoorlog. Clara nam het woord tijdens het congres: “Als wij, vrouwen en moeders, ons verzetten tegen de massamoord, dan is dat niet omdat we uit egoïsme en lafheid niet in staat zijn grote offers te brengen voor onze idealen. Wij hebben de harde leerschool van de kapitalistische orde doorlopen en zo zijn wij strijdsters geworden. Als het erop aankomt, zullen we niet nalaten om tot het uiterste te gaan voor de vrede, de vrijheid en het geluk van het mensdom.”

Clara’s optreden maakt veel indruk op de toehoorders. ”Ze spreekt als een vrouw die in buitengewone omstandigheden de kennis en de vermogens van een man verwierf, ze spreekt als een geniale vrouw… Ze is gewoon de perfecte verschijning van de nieuwe vrouw, de vrouw die de gelijke is van de man”, schreef Louis Aragon die haar in 1912 meemaakte tijdens het Congres van de Socialistische Internationale in Bazel.”

Een andere opmerkelijke spreker in Bazel was Jean Jaurès die zijn inzet voor de vrede op 31 juli 1914 met de dood zou bekopen. Bij zijn terugkeer in Parijs schrijft Jaurès in de krant L’Humanité, die hijzelf had opgericht:
“Vreemd toch! Alle regeringen in Europa verklaren onophoudelijk dat deze oorlog een misdaad en waanzin zou zijn. Maar over enkele weken zeggen diezelfde regeringen misschien tegen miljoenen mensen: het is uw plicht om mee te doen aan die misdaad en aan die waanzin. En mochten die mensen protesteren, mochten ze tot in de verste uithoeken van Europa proberen die afschuwelijke keten te doorbreken, zullen ze worden uitgemaakt voor schurken en verraders; en ze zullen op alle mogelijke manieren worden gestraft. (uit: de Parijse krant L’Humanité, 3 december 1912).

 

Betoging voor de kathedraal van Bazel waar het Vredescongres van 1912. De redevoeringen werden in de met rode vlaggen versierde kerk gehouden.

De boodschap van Bazel werd in heel Europa gehoord en overal hield de arbeidersbeweging betogingen en massabijeenkomsten.
Nooit zou binnen de socialistische vredescongressen nog zo’n eensgezindheid heersen. Nog in 1915 herinnert Lenin zich: “de resolutie van Bazel bevat minder holle frazen dan die van andere vergaderingen en is inhoudelijk ook veel concreter. De resolutie van Bazel is heel precies van toepassing op de oorlog die is losgebroken als gevolg van de imperialistische conflicten van 1914-1915.”
Aan de vooravond van WOI was de SPD verscheurd in twee fracties: de meerderheid, de hervormingsgezinden, rekenden op de numerieke macht van de arbeidersklasse om het kapitalisme te verslaan. Daarnaast waren er mensen die dachten dat een klassenloze maaatschappij alleen kon worden verwezenlijkt door de revolutie.

Beide fracties waren van plan de resoluties van de vredescongressen toe te passen: hun volksvertegenwoordigers zouden weigeren de oorlogskredieten goed te keuren en de hele beweging zou samen met de “proletariërs aller landen” door algemene stakingen de mobilisering onmogelijk maken.

Maar toen er in 1914 in de Reichstag gestemd moest worden voor de oorlogskredieten, keurden alle SPD-afgevaardigden die goed. Uit partijdiscipline en uit vrees dat de arbeiders de onenigheid binnen de partij niet zouden begrijpen. Zelfs Karl Liebknecht keurde de oorlogskredieten in juli 1914 goed, tot grote ontgoocheling van Rosa Luxemburg, Clara Zetkin en de socialisten in de andere landen.

Pas in de winter van 1914 stemde hij tegen verdere kredieten voor de oorlog, samen met een paar dappere dissidenten. De stevige burcht die de SPD in die tijd was, begon scheuren te vertonen.
Toen het in 1914 geplande vredescongres van Wenen niet plaats vond wegens het uitbreken van de oorlog, slaagde Clara erin in maart 1915 een vrouwenconferentie bijeen te roepen in het Zwitserse Bern..
De clandestien georganiseerde ontmoeting werd de eerste echte vredesmanifestatie in oorlogstijd waaraan verteregwoordigsters van zowel de Centrale Machten als van de Entente deelnamen. Zo’n 25 vrouwen uit Duitsland, Engeland, Frankrijk, Rusland, Polen, Holland, Italië en Zwitserland waren present. De Duitse en de Franse vrouwen waren echter niet officieel gemandateerd door hun partijen die toen nog de regering van hun respectieve landen steunden.
Zo werd ook ook internationaal het schisma binnen de socialistische partijen merkbaar. Tijdens het congres ontstonden de eerste spanningen tussen de aanhangers an de bolsjevistische lijn, in hoofdzaak de Russen en de Polen, en de deelneemsters uit de andere landen. Aan het eind van de conferentie werd een manifest gepubliceerd en ook verspreid, getiteld “An die Genossinnen aller Länder”. Daarin kantte de conferentie zich tegen het alibi van de verdedigingsoorlog en eiste de onmiddellijke beëindiging van de oorlog.

Samen met haar getrouwen slaagde Clara Zetkin erin 200.000 anti-oorlogpamfletten te laten drukken en verspreiden. Ze werd aangehouden en veroordeeld tot gevangenisstraf wegens hoogverraad. Groot was de verontwaardiging in Duitsland en daarbuiten en na enkele maanden opsluiting werd Clara wegens ernstige gezondheidsproblemen op borgtocht vrijgelaten.

Van bij het begin van de oorlog kreeg Clara het zwaar te verduren: ze was oververmoeid, ziekelijk en blind aan het worden. Ze was ontmoedigd door de houding van de Duitse sociaal-democraten en het aanslepen van de oorlog. Haar beide zonen werden opgeroepen, net als Karl Liebknecht die op 2 december 1914 als enige tegen verdere oorlogskredieten stemde. In 1916 werd Liebknecht tot vier jaar tuchthuis veroordeeld wegens hoogverraad. En Rosa Luxemburg zat een gevangenis straf uit voor een veroordeling die van voor de oorlog dateerde.

Clara die samen met Rosa Luxemburg en anderen bij de linkervleugel van de SPD hoorde, trad toe tot de afscheidingsbeweging Spartacusbond waaruit in een eerste fase een Unabhängige Sozialdemokratische groeit en die uiteindelijk zal opgaan in de Duitse Kommunistische Partij.
Clara had al haar hoop gesteld in de Russische Revolutie en was vol bewondering voor de nieuwe Sovjetmens. Ze verheugde zich vooral over de positie die de vrouwen innamen in het nieuwe maatschappelijke bestel. En toen de novemberrevolutie van 1918 in Berlijn mislukte, hunkerde ze naar een echte wereldrevolutie die het mensdom zou bevrijden. Een van de zwaarste klappen die ze te verduren kreeg, was toen Karl Liebknecht en Rosa Luxemburg op 15 januari 1919 werden vermoord in Berlijn.

Vanaf 1920 verbleef Clara langere tijd in de USSR, maar zetelde tegelijk voor de KPD in de Reichstag. In latere jaren werd ze verzorgd in Russische sanatoria. Ze was dan al zo ziek dat ze amper nog zag en dat ze haar teksten moest dicteren. Haar Russisch was niet zo best en zo moest alles wat haar bereikt wia een tolk passeren.
Lenins dood in 1924 betekende voor Clara een zware klap, want ondanks hun onenigheden, had ze een grote bewondering voor Vladimir Iljitsj.

Een van Clara’s laatste politieke optredens gebeurde in augustus 1932 toen ze als ouderdomsdeken de Reichstag plechtig opende en waarschuwde voor het fascisme. Alleen een Eenheidsfront van alle Arbeiders kon extreem-rechts nog tegenhouden.


Op foto’s uit die tijd herken je een frêle oud vrouwtje dat moegestreden was. Haar openingsrede is bewaard (klik hier).

Clara Zetkin stierf op 20 juni 1933 in de buurt van Moskou. Haar urne werd in de muur rond het Kremlin bijgezet.
Over haar bewogen leven volgt nog een citaat van Clara zelf:

“Mijn overtuigingen zijn sedert decennia dezelfde gebleven, gelijk of ik me sociaaldemocrate, onafhankelijke sociaaldemocrate of communiste noemde. Principieel ben ik steeds die ene overtuiging trouw gebleven, namelijk die van internationale socialiste. Ik durf te zeggen: mijn naam is een programma.” (Clara Zetkin, genoteerd door Tania Puchnerat)

 

Bronnen:
Wolfram Klein, Clara Zetkin, Vorkämpferin der proletarischen Frauenbewegung, SAV Sozialistische Alternative, Kindle Edition, 1 August 2009.
Ulla Plener (Hrsg), Clara Zetkin in ihrer Zeit, Neue Fakten, Erkenntnisse, Wertungen, Rosa Luxemburg Stiftung (rls). Material des Kolloquiums anlässlich ihres 150. Geburtstages ams 6 Juli 2007 in Berlin. Karl Dietz verlag, Berlin.
Lexikon Linker Leitfiguren, herausgegeben von Edmond Jacoby, Büchergilde Gutenberg, Frankfurt am Main, Olten und Wien, 1988.